Uit nood, door dood…

Dit artikel bevat links naar videofragmenten die als schokkend beschouwd kunnen worden.

In de loop der jaren zijn er in de motorsport wel vaker doden gevallen. Met name tot eind jaren 80 zijn het er nogal aardig wat geweest. Neem bijvoorbeeld: Jochen Rindt (de enige postume kampioen) of Gilles Villeneuve. In dit artikel wordt echter ingegaan op een aantal sterfgevallen vanaf de jaren 90, welke op mij een indruk hebben gemaakt. Van de hier getoonde heb ik er een live gezien (nl. de dood van Daijiro Kato). Waar dit artikel op ingaat is hoe deze mensen om het leven zijn gekomen, wat voor impact heeft het gehad en belangrijker, wat zijn de gevolgen voor de veiligheid geweest naar aanleiding van deze fatale ongelukken.

Het fatale weekend in 1994:

De Grand Prix van San Marino in 1994 is een van de zwartste in de geschiedenis van de Formule 1.

Een slecht begin van het weekend.

Gedurende dit weekend zijn er in feite drie zeer zware ongelukken geweest. De eerste is van Rubens Barrichello op 29 april 1994 gedurende de eerste kwalificatie, deze lanceerde zichzelf over een curbstone waarbij hij in de hekken klapte in de Variante Bassa en de auto op zijn kop landde. Hierbij raakte hij bewusteloos en was op zich levensbedreigend, aangezien zijn tong de luchtwegen blokkeerde. Snel handelen van de marshalls redde zijn leven. Uiteindelijk heeft Barrichello er alleen maar een aantal blauwe plekken aan overgehouden.

Op zaterdag 30 april 1994, reed Roland Ratzenberger over de curbstone in de Acque Minerali, waarbij hij schade aan de voorvleugel opliep. In plaats van naar de pits te gaan is hij nog een snelle ronde ingegaan. Deze snelle ronde in de 20e minuut van de tweede kwalificatie werd hem fataal. Hij schoot namelijk rechtdoor in de Villeneuve Curva. Waarbij hij een betonnen muur nagenoeg frontaal raakte waarbij de overlevingscel grotendeels intact is gebleven. De krachten die bij dit ongeluk vrij kwamen heeft Ratzenberger een schedelbasisfractuur opgeleverd. Op video-footage is ook te zien dat zijn hoofd slap hangt, wat doorgaans een slecht teken is.

Ratzenberger (4 juli 1960 – 30 april 1994) in betere omstandigheden.

In het ziekenhuis is geconstateerd dat Ratzenberger aan meerdere verwondingen is overleden. Het ongeluk van Ratzenberger was het eerste fatale ongeluk in de Formule 1 tijdens een raceweekend sinds het ongeluk van Riccardo Paletti in 1982 gedurende de Canadese Grand Prix.

Het weekend zou haast niet slechter kunnen zijn, mits er tijdens de race op 1 mei 1994 niet nog een fataal ongeluk zou plaatsvinden. Bij de start liet J.J. Lehto zijn auto afslaan waarbij Pedro Lamy, die verder op de grid startte en het zicht van geblokkeerd werd, op de auto klapte. Hierbij vlogen brokstukken over de vangrail heen en raakte 9 toeschouwers gewond. Dankzij dit ongeluk van Lehto en Lamy kwam de Safety Car op de baan zodat de wrakken opgeruimd konden worden. Doordat de Safety Car een gematigde snelheid aanhoudt koelden de banden van de auto’s af. Tijdens de rijdersbriefing is door zowel Gerhard Berger als Ayrton Senna aangegeven dat de snelheid die de Safety Car rijdt eigenlijk te laag zijn om de banden op optimale temperatuur te houden.

In de zevende ronde van de race (de tweede ronde nadat de Safety Car terugkeerde naar de pits) schoot Ayrton Senna rechtdoor in de Tamburello in de betonnen muur. Senna werd na 15 minuten met de traumahelikopter afgevoerd naar een ziekenhuis in Maggione, nabij Bologna. Hier hebben ze hem nog een tijd aan de beademing gehouden, dit omdat volgens de Italiaanse wet verplicht is, desondanks dat er al geconstateerd was dat zijn verwondingen hem fataal zouden worden.

Ayrton Senna (21 maart 1960 – 1 mei 1994); tijdens het bewuste weekend. Zijn laatste meters?

De uiteindelijke winnaar van dit desastreuze raceweekend was Michael Schumacher, de man die pal achter Senna zat op het moment van wat uiteindelijk een fataal ongeluk zou worden. Wat bizar is, is dat er na afloop van de race de podiumceremonie vrij uitbundig gevierd werd. Dit kwam omdat er geen duidelijke informatie beschikbaar was voor de overige coureurs met betrekking tot de conditie waarin Senna op dat moment in verkeerde.
Schumacher heeft hier later in het seizoen 1994 verder nog over uitgelaten.

De maatregelen die na de dood van Ratzenberger en Senna direct zijn ingevoerd zijn eigenlijk nogal rigoureus geweest. Er werd per direct een snelheidslimiet ingevoerd voor in de pitstraat en de monteurs mogen pas uit de garagebox komen wanneer het noodzakelijk is. Daarnaast zijn er op de airbox sleuven gekomen, dit om het vermogen van de auto’s in te perken. Om verder de snelheid te verlagen zijn er op een aantal circuits chicanes ingevoerd, gedurende het seizoen 1994 was dit vooral duidelijk zichtbaar op Circuit de Catalunya in Spanje (Nissanbocht) en Circuit de Spa-Francorchamps, België (Eau Rouge). Beide maatregelen zouden voor het seizoen 1995 weer ongedaan gemaakt zijn. Wat ook een maatregel is die per ’95 doorgevoerd is, zijn de cockpitranden, welke ook een stuk bescherming bieden aan de coureurs.

Fatale vibraties:
Tijdens de eerste race van het seizoen op 6 april 2003 startte Daijiro Kato  op de elfde plek op het Suzuka Circuit. Hij reed in de tweede groep in wat een spannende wedstrijd zou lijken te worden. Vanwege zijn positie relatief aan de overige rijders stuurde hij de 85R vanuit de binnenkant aan en hield daarbij een relatieve hoge snelheid aan, waardoor hij scherper de bocht in moest leunen. Toen hij door de 340R reed, reden de omliggende rijders van de binnenkant naar de buitenkant van de bocht, Kato, die een hogere snelheid aanhield, remde niet zo hard als hij had gekund, dit omdat hij dat niet kon of omdat hij de achterliggende rijders voor wou blijven. Bij het aanremmen van de Casio Triangle tijdens de eerste en tweede ronde behaalde Kato een extreem hoge slip-ratio (de verhouding van afremmen tussen de banden en het voertuig zelf) van 35%. Tijdens de derde ronde was deze ratio zelfs 38% , waarbij bij deze sterke afname van snelheid het achterwiel opgetild werd en veroorzaakte dat de fiets onstabiel gedrag vertoonde. Door dit hiervoor beschreven fenomeen ervoer Kato een bijna high-sider. De plotselinge verandering van richting zorgde ervoor dat Kato zijn balans op de fiets verloor. In een poging om zijn evenwicht te bewaren legde Kato vrij veel druk op de linkerzijde van de handlebars. Toen de achterband van een glijdende beweging naar een status van een bijna highsider overging, erkende Kato het gevaar en liet de druk op de voor-rem iets varen, waardoor de achterband weer grip kreeg en de fiets in een waaierbeweging overging. Aangezien er nog steeds een behoorlijke kracht op de linker handlebar stond, week de waaierbeweging verder af van het normale.

De waaierbeweging vertoonde rollende trillingen, waarbij een maximale laterale kracht van ongeveer 1,2G vrijkwam. Als gevolg hiervan werd Kato van zijn motorfiets geslingerd. Het leek erop dat Kato over de linkerkant van zijn motorfiets viel, amper zijn motorfiets vasthoudend, niet meer in staat was om de richting te bepalen en hierdoor van de baan geraakte. Als gevolg hiervan raakte hij met een snelheid van 150km/h, bij de Casio Triangle, de bandenstapel, gevolgd door een schuimbarrière. Het opvallende hierbij is dat er tussen beide veiligheidsmaatregelen op het circuit een ruimte zat, waardoor Kato met zijn hoofd de rand van de schuimbarrière kon raken. Hierbij raakte een halswervel ten opzichte van de schedelbasis ontwricht.

Daijiro Kato (4 juli 1976 – 20 april 2003) in de MotoGP.

Aangezien Kato nagenoeg op de race lijn lag is het normaal dat de race gestopt zou worden door middel van een rode vlag. Dit is echter nooit gebeurd, de marshalls hebben met 4 man hem opgepakt bij de benen, torso en rechterschouder en hem op een stretcher gelegd. Waarbij het hoofd, welke al getraumatiseerd was, vrij hing terwijl hij van het circuit afgevoerd werd. Dit zou bijgedragen kunnen hebben aan het nekletsel wat in het ziekenhuis is geconstateerd. De overige trauma’s die zijn geconstateerd bij deze crash waren zware hoofd-, nek- en borstverwondingen.

In het ziekenhuis hebben ze Kato twee weken in coma gehouden, waarna hij is overleden aan een hersenstaminfarct.

Het circuit van Suzuka was vanaf het stuk van de 130R tot de Casio-Triangle recent aangepast. De 130R bestaat tegenwoordig eigenlijk uit een bocht met een dubbele apex, het eerste is een knik met een radius van 85 meter (85R) en het tweede stuk heeft een radius van 340 meter (340R). Tevens is de aanloop van de 130R tot de Casio-Triangle korter geworden, aangezien deze chicane ook naar voren is gehaald. Dit is gedaan naar aanleiding van een crash die Allan McNish in de Formule 1 in 2002 hier heeft gehad. De MotoGP wedstrijd op Suzuka Circuit was het eerste evenement wat gehouden werd sinds de aanpassing van het circuit.

Het opmerkelijke is hier ook, dat het Suzuka Circuit door de FIM (Federation International Motocyclisme) en de IRTA (International Road Racing Teams Association) is goedgekeurd en zelfs vonden dat de veiligheid voor de rijders was verbeterd en het niet als een gevaarlijk punt op het circuit beschouwden.

Vanwege het gebrekig handelen door het niet direct na het incident tonen van de rode vlag is Suzuka sindsdien niet meer teruggekomen op de MotoGP-kalender.

Gokken met levens:
Wheldon was het slachtoffer van een massacrash waarbij 15 auto’s betrokken waren op Las Vegas Motor Speedway. Dit gebeurde in de 11e ronde van de race, doordat James Hinchcliffe werd aangetikt door Wade Cunningham waardoor Cunningham en J.R. Hildebrand elkaar raakte als het gevolg van een uitzwenkende beweging van Cunningham. Hierbij werd Hildebrand gelanceerd. Cunningham raakte verder Jay Howard aan zijn linkerkant en Towsend Bell aan de rechterkant alvorens hij de muur raakte. Tijdens zijn poging om deze crash te ontwijken, verloor Vitor Meira de controle over zijn auto, waarbij hij in een spin raakte en daarbij aan zijn binnenkant Charlie Kimball en E.J. Viso.

Ten tijde dat Meira de controle over de auto verloor, probeerde Thomas Scheckter af te remmen via de buitenkant van de oval. Hierdoor crashte Paul Tracy op de achterkant van Scheckter. Een snel rijdende Pippa Mann werd gelanceerd over de auto van Tracy om een botsing met Alex Lloyd te voorkomen.

Dan Wheldon (22 juni 1978 – 16 oktober 2011), na zijn laatste winst, met de felbegeerde Borg-Warner Trophy.

Als gevolg van deze kettingbotsing, werden twee auto’s gelanceerd toen ze de crash-scene benaderden. De eerste was van Will Power, die de hekken raakte nadat hij Lloyds auto raakte. De ander auto was van Dan Wheldon, die op dat moment de plek des onheils naderde met een snelheid van 220mph (350km/h). Desondanks dat Wheldon in staat was om zijn auto af te remmen tot een snelheid van 165mph (266km/h), werd hij gelanceerd over de auto van Kimball. De auto van Wheldon is hierdoor in de lucht gaan rollen over zijn lengte-as. Hij raakte met zijn hoofd als eerste een paal van de hekken.

De ergste verwondingen werden geconstateerd bij Wheldon, Power, Hildebrand en Mann. Waar Power, Hildebrand en Mann nog zelf uit de auto konden komen, moest Wheldon eruit geholpen worden, waarna hij werd afgevoerd naar het Southern Nevada Universitair Medisch Centrum. Hier is hij overleden als gevolg van zwaar hoofdletsel.

Als gevolg hiervan werd de gele vlag gezwaaid, maar na een ronde werd besloten om de rode vlag te zwaaien en de race stil te leggen, zodat de marshalls de kans hadden om de wrakstukken op te kunnen ruimen en tevens om het asfalt en hekwerk te repareren. Terwijl de reparaties aan de gang waren werd men steeds bezorgder over de situatie van Wheldon en of dat de race nog wel door moest gaan. Twee uur nadat de rode vlag voor het eerst was getoond gingen een aantal coureurs en teameigenaren richting de wedstrijdorganisatie op het binnenveld met de vraag wat er aan gaande is, en of dat de race nog door moest gaan. Een aantal minuten later heeft Brian Barnhart, IndyCar Director, een rijdersbriefing in het mediacentrum ingelast. Na deze meeting heeft een emotionele Barnhart tegenover de pers verklaard dat Dan Wheldon was overleden.

Las Vegas Motor Speedway is een 1,5 mijl (2,41km) lange oval waar tijdens de wedstrijd 34 wagens op de baan waren. Ter vergelijking tijdens de Indy 500 op de Indianapolis Motor Speedway (2,5 mijl / 4,0km lange oval) waar maar 33 auto’s rijden. De snelheden zijn gemiddeld boven de 220mph (350km/h). Hier rijst dus de vraag is het wel verantwoord om zoveel auto’s te laten rijden op zo’n relatief korte oval. In voorgaande jaren zijn er namelijk op ovals van zowel een kortere als vergelijkbare lengte maar 22 à 24 auto’s toegelaten.

In een interview met Paul Tracy naar aanleiding van het ongeluk van Dan Wheldon is geopperd om in plaats van de traditionele hekken, plexiglas hekken te plaatsen. De traditionele hekken werken namelijk als een rasp en belemmeren het zicht enigszins voor de fans. Dit zou dus voorkomen kunnen worden met plexiglas hekken.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s